Stappen leesbaarheidstest

(Als u aan de linkerkant van uw scherm geen menuopties ziet, dan bent u waarschijnlijk via Google of een andere zoekmachine direct op deze pagina terechtgekomen. Klik in dat geval hier en dan kunt u het hele verhaal zien.)

Ondanks het ontbreken van 100% duidelijke richtlijnen hebben wij de volgende methode opgesteld om leesbaarheidstests uit te voeren. Telkens wanneer als nieuwe informatie verschijnt of wanneer wij feedback krijgen op een testrapport passen wij onze methoden zo nodig aan.

Voorbereiding

  1. Een van de eerste taken is het opstellen van een testprotocol: een document dat onder meer het doel van de test beschrijft, alsmede de verantwoordelijkheden, de opzet van de test, het profiel van de testers en de specificatie van het formaat van de testresultaten. Deze informatie vormt ook een onderdeel van het uiteindelijke testverslag.

  2. Voordat de test begint, evalueren wij de bijsluiter om te controleren of deze geen fouten of onduidelijkheden bevat die tijdens de leesbaarheidstest direct aan het licht zouden komen. Kleine wijzigingen zullen we na onderling overleg direct invoeren. Als de bijsluiter een grondige redactionele opknapbeurt behoeft om een leesbaarheidstest te doorstaan, dan wordt in onderling overleg bepaald wie dat doet: bij veel producenten is deze expertise uiteraard aanwezig, maar wij kunnen dit ook verzorgen. Is de Nederlandse tekst eenmaal test-gereed, dan zetten we de leesbaarheidstest in gang.

  3. Met de producent bespreken wij de diverse aspecten van de patiënteninformatie en de wensen betreffende de leesbaarheidstest. Ook overleggenwij over de relevante samenstelling van de testgroep; in de meeste gevallen kan een algemeen samengestelde groep worden gebruikt, in andere gevallen zou de patiënteninformatie moeten worden getest door patiënten die het desbetreffende middel (zouden kunnen) gebruiken.

  4. Wij stellen een reeks van 15 tot 20 vragen op waarvan er ongeveer 15 tijdens de leesbaarheidstest zullen worden gebruikt. Deze vragen zijn gericht op de informatie rond veiligheid en effectief gebruik van het geneesmiddel. Mogelijk heeft de producent deze vragen reeds geformuleerd, of misschien kunnen ze worden vertaald (indien ze reeds in een andere taal beschikbaar zijn). Tijdens het testinterview zullen de vragen niet in de volgorde worden gesteld waarin de gezochte informatie in de bijsluiter is gepresenteerd. Los van de geformuleerde vragen zal zo nodig de betekenis worden gevraagd van eventueel in de bijsluiter gebruikte symbolen, evenals de betekenis van een aantal in de bijsluiter gebruikte termen waarvan wij vermoeden dat deze voor leken moeilijk te begrijpen zijn. Ook worden het ontwerp en de technische leesbaarheid (lettertype, corpsgrootte, papierdikte en -formaat) besproken.

  5. Testgroepen

  6. Ondertussen rekruteren wij een groep van 25 testdeelnemers (bij de leesbaarheidstest gaat het er niet om de lezers te testen, maar de lezers testen de bijsluiter, vandaar de aanduiding 'testdeelnemers' en niet 'proefpersonen'). Vóór de eerste testronde voeren wij eerst een pilot-test uit met 3 tot 5 personen om te bepalen of de tekst van de bijsluiter of de testvragen misschien problemen opleveren. Eventueel wordt op basis van de resultaten van deze pilot-test de tekst van de bijsluiter of van de vragen aangepast. Voor de eerste echte testronde nodigen wij 10 personen uit om de bijsluiter te testen. Dit vindt normaal gesproken bij ons op kantoor plaats, maar zou ook op een andere locatie of bij de testers thuis kunnen gebeuren. Bij aanmelding leggen wij bepaalde persoonlijke gegevens van de testers vast, zoals naam, adres, leeftijd/geboortedatum, opleidingsniveau en informatie over werk of voornaamste bezigheden; ook noteren wij de eventueel vrijwillig verstrekte informatie over belangrijke ziekten en over huidig of vroeger gebruik van bepaalde geneesmiddelen. Aan de hand van deze gegevens kunnen wij telkens een evenwichtig samengestelde testgroep vormen.

  7. Testgroep 1

  8. Heeft de tekst de pilot-test doorstaan, dan wordt de bijsluiter (na eventuele aanpassingen) afgedrukt.

  9. De interviewer laat de testdeelnemer de bijsluiter eerst doorlezen. Dan vraagt de interviewer of de testdeelnemer tekortkomingen in de tekst zijn opgevallen. De tester kan melden dat iets hem/haar niet bevalt of dat een bepaalde passage tweemaal moest worden gelezen om hem te kunnen begrijpen.

  10. Vervolgens stelt de interviewer de geformuleerde vragen om vast te stellen of de tester de relevante informatie kan vinden. Door de tester te vragen de gevonden informatie in eigen woorden uit te leggen, wordt bepaald of de informatie ook is begrepen.

  11. De interviews worden digitaal opgenomen om eventueel achteraf te kunnen bepalen of de leesbaarheidstest correct is uitgevoerd, maar ook om achteraf nog eens alle antwoorden op een bepaalde vraag nog eens te kunnen analyseren. Interviewer en tester stellen zich bij het begin van de opname van de sessie mondeling voor.

  12. De interviewer noteert de antwoorden en eventuele aanvullende waarnemingen of opmerkingen op het vragenformulier. De interviewer noteert ook alle gevallen waarbij de testdeelnemer problemen had de informatie te vinden. Dit formulier wordt zorgvuldig bewaard voor eventuele nadere inspectie. Het vragenformulier vermeldt de naam van de tester en welke versie van de bijsluiter is getest.

  13. Indien negen van de tien testers van de eerste testgroep in staat waren de gevraagde informatie te vinden en acht van hen deze informatie bleken te begrijpen, heeft de bijsluiter de eerste testronde doorstaan. Indien dit niet het geval is, moet de bijsluitertekst worden herzien. In de meeste gevallen komen tijdens de eerste testronde nog aspecten van de bijsluiter naar voren die aanpassing behoeven (ook als de score acceptabel is). Wanneer pas na een paar keer lezen en diep nadenken een correct antwoord wordt gegeven, is het toch beter de bijsluiter aan te passen (ondanks het feit dat het antwoord correct was).

  14. Testgroep 2 (en volgende...)

  15. Als het niet noodzakelijk was de tekst van de bijsluiter te herzien, dan wordt dezelfde versie door de tweede testgroep getest om de testresultaten van de eerste testgroep te bevestigen. Als de bijsluitertekst op basis van de resultaten van de eerste testronde wel is herzien, dan wordt uiteraard de herziene versie door de tweede testgroep getest.

  16. Wanneer negen van de tien deelnemers aan de tweede testronde in staat zijn de gevraagde informatie te vinden en indien acht van hen deze informatie ook hebben begrepen, dan is daarmee de leesbaarheid van de bijsluitertekst aangetoond. Zo niet, dan moet de bijsluiter in elk geval nogmaals worden herzien. Eventueel moet deze herziene versie worden getest door een derde testgroep.

  17. Opstellen testrapport

  18. De resultaten van de leesbaarheidstest worden gepresenteerd in een Engelstalig verslag dat aan de producent wordt geleverd. In het verslag worden onder meer het product omschreven, de rekrutering en samenstelling van de testgroepen, de belangrijkste veiligheidsaspecten, de vragenlijst, en alle tijdens de diverse testrondes gebruikte versies van de bijsluiter (zowel in QRD-formaat als in ontwerp).